fbpx

Omkijken en vooruitzien

We schrijven 29 december 2016…
Het jaar is omgevlogen, het is inmiddels al bijna 2017. En zoals bijna iedereen doet in deze tijd wil ik ook omkijken en vooruitzien naar het nieuwe jaar…

Omkijken naar….
… prachtige concerten
… inspirerende gesprekken
… toffe workshops
… plezierige repetities
… het realiseren van mijn eigen Brabant Suite
… het spelen voor Serious Request
maar ook naar
… moeilijke beslissingen
… dierbare muziekvrienden/collegae die ons ontvallen zijn
… afscheid van een leerling die vanwege de ernstige ziekte van haar moeder gaat verhuizen

En weet je wat nou mooi is? Bij ieder van de zaken die ik hierboven heb geschreven heb ik wel een passend muziekstuk, dat de emotie van het moment weerspiegelt.. Muziek is emotie, muziek een taal, muziek een WERELDTAAL!

Vooruitzien probeer ik ook te doen, hoewel je natuurlijk nooit precies weet wat er zal komen…
Ik hoop in ieder geval op…
… fantastische concerten
… inspirerende repetities en lessen geven
… mooie composities maken
… met muziek verbindingen leggen

Ik wens jullie allemaal een fantastische jaarwisseling en een bijzonder gelukkig en gezond muzikaal 2017 toe!

Interessant leesvoer voor musici en verenigingsbesturen

Zoals de meesten van jullie wel weten, ben ik gek op lezen, dus als ik ook maar een beetje vrije tijd heb, vind je mij met een boek, weggekropen in een hoekje van de bank of, in de zomer,  in de tuin.

En wat is dan leuker dan een boek te lezen dat ook nog verband houdt met je werk?
In die categorie valt het boek ‘Verder kijken dan de muzieknoot lang is’ van Ivo Kouwenhoven.

Ivo Kouwenhoven kennen velen van jullie wellicht van de werken voor jeugdorkest/opleidingsorkest die hij heeft gecomponeerd, of van de jeugdfestivals die hij met zijn uitgeverij Himalaya Music organiseert…
Ivo schrijft regelmatig columns over zijn werk als dirigent van jeugdorkesten, en die columns lees ik altijd met veel plezier. Omdat ze verhalen over herkenbare situaties, maar vaak ook omdat het eye-openers zijn.
Ja, zeker weet ik zelf ook veel over werken met jeugdleden, maar ik probeer me op dat vlak ook steeds te verbeteren, en daar kan zo’n column soms echt een prikkel voor zijn!

Het boek is eigenlijk een verzameling van columns. Over jeugdbeleid, over omgaan met jeugdleden, met nieuwe leden, met toptalentjes, met wat minder begenadigde instrumentalisten, over aansluiten bij de belevingswereld van de jeugd, over ledenwerving, over dirigenten, maar ook over doorstroming vanuit het jeugdorkest, de jeugdopleiding, het behoud van leden, bladmuziek…
Eigenlijk over het hele wel en wee van een muziekvereniging met betrekking tot jeugd!

Ik denk dat het boek voor veel verenigingsbesturen, maar ook voor dirigenten een eye-opener kan zijn, een verfrissende kijk op de jeugd in een blaasorkest in deze tijd…

De tijd van Sinterklaascadeaus en kerstpakketten komt eraan, ik zou eigenlijk de besturen van al mijn orkesten aan willen raden om zichzelf dit boek cadeau te doen, of het op hun verlanglijstje te schrijven!
Waarom? Voor een sprankelend nieuwjaar vol blijvend jeugdig muziekenthousiasme!

Het boek is te bestellen door een mail te sturen naar info@himalayamusic.nl

 

Maestro

Als ik zeg ‘Maestro’, waar denk jij dan aan?

Misschien wel aan het ‘Maestro muziekspel’, een soort muzikale bingo uit het lesprogramma ‘Windkracht 10’. In dit lesprogramma voor de basisschool staan de instrumenten uit onze blaasorkesten centraal.

Iedereen kent wel ‘Maestro’ het programma van de NPO waarin BN-ers leren dirigeren. Bij al dit soort ‘talentenjachten’ bekruipt me het gevoel dat het allemaal doorgestoken kaart is, maar vooruit.
Het concept is goed en leert de Nederlandse kijker iets over klassieke muziek en het dirigeren daarvan.
Maestro, ja zo wordt een echte vakman/vrouw op het gebied van het dirigeren genoemd…

Maar dat dirigeren komt lang niet alleen maar neer op netjes de maat slaan en een goede mimiek… (Dat wat vooral in ‘Maestro’ naar voren komt)
Er komt meer bij kijken: een stukje mensenkennis, psychologie, groepsdynamiek, didactiek en natuurlijk ook veel kennis van instrumenten en (klassieke) muziek…

Nu is er een nieuw gezelschapsspel op de markt onder de naam ‘Wie wordt de Maestro’.
Het spel kent twee varianten:
‘Maestro Ensemble’ is het basisspel, wat je al kunt spelen met kinderen vanaf 7 jaar (ik heb het uitgeprobeerd met leerlingen en ze vinden het fantastisch!)
‘Maestro Symphony’ is wat lastiger en is geschikt voor kinderen vanaf 12 jaar. Voor dit spel is het handig als er al enige kennis over klassieke muziek voor handen is.
Bij het basisspel draait het erom om zo snel mogelijk 60 minuten muziek te maken. Dat doe je door zoveel mogelijk muziekstukken uit te voeren. Dat uitvoeren doe je door bladmuziek en instrumenten te kopen of huren. Verder zijn er nog kanskaarten die het extra spannend maken!

Bij het gevorderdenspel draait het niet om wie  als eerste zijn zestig minuten muziek vol heeft, maar wie de meeste punten scoort. Die punten kun je verdienen op verschillende fronten: een gevarieerd repertoire, het inzetten van solisten, verschillende instrumentalisten en bezettingen etc etc… Kortom er worden meer echte ‘maestro’-skills van je verwacht!

Ik ben erg enthousiast over het spel! Leerlingen (zowel kinderen als volwassenen) vinden het leuk, én leren er van.
En eerlijk gezegd: zelf leer ik er ook van! Een absolute aanrader dus, dit spel! Het spel is te koop voor iets minder dan 50 euro. Wellicht een leuk idee voor een muzikale sinterklaasavond?

Blessures bij het musiceren

Muziek maak je niet alleen met je instrument, maar vooral ook met je lichaam. Voor zangers en dirigenten geldt zelfs: het lichaam is hun énige instrument. Om ontspannen te kunnen musiceren is een goede lichaamsbeheersing dus essentieel. Een verkeerde houding of techniek kan tot allerlei klachten leiden, zoals pijn en ontstekingen aan spieren, pezen en gewrichten of problemen met de ademhaling of stembanden.
Pijn, krachtverlies en stijfheid beïnvloeden de muzikale prestaties. Door een stijve nek of een pijnlijke schouder ga je anders bewegen. Zo raken de spieren uit balans. Ook kan pijn je ademhaling, concentratievermogen, slaappatroon en stemming negatief beïnvloeden. Je dreigt dan in een vicieuze cirkel te belanden, waardoor je niet meer optimaal kunt functioneren.

Een goede lichaamsbeheersing is van levensbelang voor en musicus, maar ook voor een amateurmuzikant die (vele) uren per week studeert.

Je kunt hiervoor naar een Mensendieck therapeut gaan die je leert om je lichaam beter te beheersen, maar ook de Alexander techniek wordt veel gebruikt.

Ik zal uitleggen wat het verschil is tussen die twee:

Bij Mensendieck draait het erom dat veel klachten kunnen worden behandeld of liever nog voorkomen met behulp  van een Mensendieck therapeut.  De oefentherapeut maakt patienten bewust van hun houding en manier van spelen in relatie tot de klachten die ze hebben, maar ook van de reactie van het lichaam op pijn, (over)belasting en spanningen.
Samen gaan patient en therapeut op zoek naar de oorzaak van de klachten. Onder begeleiding van de therapeut leert een musicus zo een gezondere houding en manier van spelen. Zo leer je verkeerde (speel)gewoontes herkennen en doorbreken, wat uiteraard beter is voor jou en je lichaam, maar ook voor je muziek!

De Alexander Techniek leert musici hoe ze efficienter kunnen omgaan met hun bewegingsmechanisme.
Ook wordt deze gebruikt om klachten te voorkomen en verhelpen, podiumangst te verminderen en beter te presteren!

Omdat musici veel van zichzelf in de muziek leggen, wordt er niet alleen gekeken naar enkel fysieke factoren. Ook wordt je bewuster van dingen als: Hoe ga ik om met druk? Wat denk ik precies voor dat moeilijke loopje? Door o.a. antwoord te geven op deze vragen, raak je geoefend in het opsporen van overbodige mechanismen en gedachten die de muziek en de uitvoering ervan hinderen.

Alexander Techniek biedt je de mogelijkheid om belemmerende en vaak hinderlijke mechanismen mentaal te leren stoppen, zodat de muziek vollediger tot zijn recht kan komen. Door het benaderen van je lichaam en geest als een eenheid en het zuiver focussen van je gedachten, ben je beter in staat om geco?rdineerd te handelen.

Aan veel conservatoria is Alexander Techniek tegenwoordig een vast onderdeel van het curriculum. Musici en conservatoriumstudenten staan vaak onder grote druk om zo goed mogelijk te presteren. Denk bijvoorbeeld aan optredens, voorspeelklassen, examenstress, het samenspel met collega-musici en je (onberispelijke) persoonlijke prestatie. Je wilt niet verstek laten gaan omdat je bijvoorbeeld last hebt van je pols!
Bovendien bestaat dan de kans dat je plek wordt ingenomen door een andere kandidaat. Veel musici trekken vaak pas laat aan de bel als er iets mis is. Dit is jammer, want hoe eerder je een klacht signaleert hoe beter je hem in de regel kan verhelpen.

Ikzelf heb gelukkig geen klachten, maar wil me toch verder gaan verdiepen in Mensendieck en de Alexander techniek. Voor mezelf, maar ook om mijn leerlingen en orkestleden daarmee te kunnen helpen!

Houdbaarheidsdatum?

Soms krijg ik weleens vragen van muzikanten, of van sollicitatiecommissies wat de houdbaarheidsdatum van een dirigent is bij een orkest…
Zo’n dirigent die misschien wel 40 jaar voor een orkest staat, wat ik daar dan van vind…

Ik vind dat altijd een moeilijke vraag. Net zoals bij etenswaren is de houdbaarheidsdatum afhankelijk van een aantal factoren:
– de dirigent, zijn belevingswereld, zijn ervaringen en ambities
– de orkestleden, hun belevingswereld, hun muzikale ambities en hun bereidheid om zich in te zetten voor het orkest
– het bestuur, hun kennis, kunde, daadkracht en communicatie
– de samensmelting van deze factoren, en de mengverhouding daarvan

Je snapt dat al deze factoren steeds wisselend zijn, dus ik denk dat er geen vaste houdbaarheidsdatum is voor dirigenten.
Wel denk ik dat je als dirigent regelmatig voor jezelf op een rijtje moet zetten hoe alles gaat en hoe het staat met jouw houdbaarheidsdatum bij een bepaald orkest.

Ikzelf doe dat ook regelmatig, maar toch blijft het dan lastig om een goede beslissing te nemen, maar het is wel superbelangrijk!
Je moet daarbij in het belang van de vereniging denken, maar vooral ook een goede beslissing voor jezelf nemen.
Zo besloot ik onlangs dat ik, na acht jaar, ga stoppen als dirigent bij fanfare Sint Caecilia in ‘s-Heerenhoek… 15 januari 2017 zal mijn afscheidsconcert daar zijn.

Ik denk dat maximaal 10 jaar voor 1 orkest staan een goed uitgangspunt is, maar als alle partijen elkaar nog prima motiveren, inspireren en enthousiasmeren, dan kan het misschien best 15 jaar worden, of 20 of 30…

Wat vind jij? Is er een maximale tijd dat een dirigent voor een orkest kan/mag staan? En waarom?

Studiedag

Afgelopen zaterdag was het zover: de studiedag van Harmonie Sint Cecilia Huijbergen. Studiedag? Ja, en wel om het orkest tiptop voor te bereiden op het Nootjesbergconcert op 15 oktober aanstaande site pour acheter viagra.
(Als dit concert nog niet in je agenda staat, noteer het dan nu gelijk, want het belooft een nog groter succes te worden dan vorig jaar!)

Zo’n studiedag vraagt nogal wat van orkestleden: ten eerste een hele dag van hun toch al zo schaarse vrije tijd, een berg uithoudingsvermogen (het komt niet vaak voor dat je van ’s morgens 9.30 tot ’s middags 16.30 aan het musiceren bent!), en discipline om de hele dag alert te zijn en alles mee te schrijven!

Maar zo’n studiedag is op een heel bijzondere manier vooral ook superfijn en supergoed!
Iedereen gaat ervoor, en je merkt dat iedereen frisser en fruitiger start dan op een normale repetitie-avond na een dag hard werken. In een dag kun je heel, heel, heel veel werk verzetten en de ervaring leert dat dat wat je op zo’n dag doet ook beter blijft hangen bij muzikanten!
Bovendien schept zo’n hele dag samen ook een hechte band: je werkt samen naar dat grote doel toe en in de pauzes is er ruim tijd om met elkaar te praten! Juist ook met mensen die je doorgaans niet zo vaak spreekt…

En na afloop? Iedereen is moe, maar vooral ook heel erg voldaan, inclusief de dirigent!

Kortom: zo’n repetitiedag is een heerlijke muzikale dag waarop je samen extra hard kunt werken naar een aankomend concert of concours!

Wat vind jij van een studiedag? Trekt het je? Of zie je het vooral als een aanslag op jouw vrije tijd?

Het seizoen is weer begonnen

Het is inmiddels september en gisteren heb ik mijn eerste repetities weer gedirigeerd. Ook mijn muzieklessen starten weer vanaf deze week, dus het ‘normale leven’ is weer begonnen!

Ik heb een heerlijke vakantie gehad waarin ik heb genoten van mijn vrije tijd, mijn website heb vernieuwd, instrumenten schoon heb gemaakt, veel muziek heb geluisterd en veel heb gelezen, heerlijk heb uitgerust en inspiratie heb opgedaan voor het komende seizoen.

Wat het komende seizoen gaat brengen?
Een hoop leuke concerten met de verschillende orkesten, zowel spelend als dirigerend. Natuurlijk ook weer aantal leerlingen die dit jaar op examen gaan. Super om ze daarbij te coachen en begeleiden!

Daarnaast is het nog wachten op de uitslag van de compositiewedstrijd waaraan ik deelneem, maar in ieder geval wordt mijn stuk professioneel opgenomen! Hoe gaaf is dat?!

Ik heb me, na deze buitengewoon inspirerende compositie-escapade voorgenomen om ook het komende seizoen minimaal één compositie te schrijven… Het hoe en wat moet nog wat vorm krijgen, maar het seizoen is ook pas net begonnen!

Hopelijk lukt het ook om dit jaar ook mijn privélespraktijk wat meer te gaan uitbouwen, en dan speciaal voor díe leerlingen die het lastig vinden om in de ‘gebruikelijke’ pas te lopen. Dus bijvoorbeeld voor mensen met dyslexie of andere lichamelijke of geestelijke beperkingen… Later meer hierover op mijn website…

Voor nu wens ik iedereen een buitengewoon plezierig en succesvol muzikaal seizoen toe!

Vakantietijd, inspiratie opdoen

Nu de zomervakantie echt losgebarsten is en ik dus écht geen muzikale verplichtingen heb, is een tijd van rust aangebroken.
Veel mensen vragen zich af hoe ik mijn vakantiedagen dan invul, en of ik dan helemaal niets muzikaals doe…

Daarom vandaag dit blog!

Niks doen is niet zo aan mij besteed, ik blijf hoe dan ook een bezig bijtje…. Maar ja, wat ga je dan doen als je eigenlijk niets ‘moet’?

Ik maak altijd een lijstje van wat ik wil doen in de vakantie:
– instrument schoonmaken (tips en tricks hiervoor lees je hier)
– andere culturen leren kennen (en dan ook de muziek van die andere cultuur, dus ik probeer tijdens buitenlandse trips ook altijd iets van de lokale muziekcultuur mee te pikken)
– boeken lezen (dat kan varieren van boeken over beroemde dirigenten en componisten, maar ook psychologisch getinte boeken over bijvoorbeeld groepsmanagement of omgaan met leerlingen met beperkingen)
– nieuwe muziek studeren
– muziek luisteren (van klassiek tot pop en verder)
– zoeken naar nieuw lesmateriaal/apps om te gebruiken in mijn lespraktijk
– plannen maken voor het komende seizoen

De komende weken zal ik jullie steeds iets over één van deze punten vertellen, zodat jullie met mij mee wat inspiratie kunnen opdoen!

Heb je zelf misschien nog goede inspiratie voor mij? Ik houd me van harte aanbevolen!

Herintreders in de muziek en hoe je ‘stoppers’ kunt herkennen

Via het LKCA werd ik gewezen op een onderzoek wat is verschenen in het International Journal of Community Music.
Het onderwerp?
Wat motiveert oudere amateurmuzikanten om opnieuw te beginnen of te blijven spelen in een ensemble of band en waarom stoppen ze met muziek maken?

De onderzoekers van de University of Sheffield (GB) onderzochten twee amateurensembles en interviewden vijf participanten om achter hun motieven te komen. Daarna formuleerden ze vijf profielen van spijtoptanten:

De enthousiaste terugkeerder – van kindsbeen af met muziek bezig en alle steun daarvoor; als jong volwassene gestopt en na het pensioen weer begonnen. De basis uit zijn jeugdjaren maakte dat deze muzikant dertig jaar later zijn muzikale identiteit terugvond. Dit type blijft dus.

De aarzelende pensionado – in jeugdjaren de nodige muzikale scholing gehad, maar veelal op eigen initiatief of door zelfstudie. Hij is wat bescheiden in wat hij bereikt heeft en stopt vanwege gezondheidsredenen: hij kan het niet meer doen volgens de normen van het ensemble.Movie All Is Lost (2013)

De gestresste afhaker – iemand voor wie doorgaan met het ensemble niet goed is omdat de balans tussen de stress en de uitdaging die het oplevert, verstoord raakt.

De vermoeide buitenstaander – is vooral op zoek naar een gevoel van erbij horen en stopt als het niet lukt. Verlaat het ensemble om sociale en muzikale redenen.

De tevreden herinneraar – Deze stopper heeft warme gevoelens voor de muziek en is al in de jeugdjaren eraan verslingerd. Verschil met het eerste type is de muzikale standaard, de lat die deze participant erg hoog legt: hij of zij stopt wanneer het onder de maat wordt wat hij nog kan.

Uit het onderzoek blijkt dat mensen graag een leven lang muziek zouden maken, maar onderweg komen ze aardig wat trubbels tegen. Dat kunnen sociale, persoonlijke én muzikale trubbels zijn. Meestal stoppen muzikanten vanwege persoonlijke of sociale problemen, en juist níet vanwege muzikale problemen.

Daaruit leid ik af dat je als docent/dirigent toch ook meer oog moet hebben voor deze persoonlijke en sociale problemen, en daar misschien wat meer op in moet spelen. Op die manier kan een leven lang musiceren wellicht toch werkelijkheid worden…

Persoonlijk probeer ik altijd wel de mens achter de muzikant in het oog te houden, maar dit bericht is voor mij wel een wake-up call om dat nog meer te doen. Misschien juist ook bij mijn seniorenorkest waar ik regelmatig te maken heb met ‘herintreders’.
Nu ik deze 5 types muzikanten ken, kan ik daar mijn voordeel mee doen, en dat zal ik ook zeker doen!

Stil nou!

In deze periode van zomerconcerten gebeurt het regelmatig:
Publiek zit op een (al dan niet zonnig) terras te luisteren naar de muziek, maar intussen wordt er ook gezellig gekletst..
Dat kletsen leidt soms tot irritatie en concentratieproblemen bij dirigent en orkestleden…
Zelf heb ik daar gelukkig niet (meer) zo’n last van, bij sommige concerten past het prima als er intussen gezellig geborreld en gekletst wordt.

Maar ooit, lang geleden is natuurlijk die concertetiquette ontstaan. Zoals dat je stil moet zijn tijdens een concert, dat je niet tijdens het applaus al mag weglopen. Om nu de oorsprong van deze concertetiquette te leren kennen heb ik het boek ‘Stilte!’ van Cas Smithuijsen aangeschaft acheter viagra en ligne canada. De oorsprong van dit alles ligt in Noord-Italië in de 13e eeuw.

Hoe het verder allemaal zit mogen jullie zelf lezen in dit interessante boekwerk van Smithuijsen.
Feit is wel dat we tegenwoordig juist veelal méér interactie willen met het publiek. We willen als orkest niet meer ‘ingelijst’ spelen, maar echt een band met het publiek opbouwen. Hoeveel jaren zouden nodig zijn om dat te bereiken?