sport en muziek

Sport en muziek zijn nauw met elkaar verbonden op het gebied van bv prestaties. Bij beiden komt faalangst bij beoefenaars geregeld voor. Voor beiden is veel training/studie nodig om tot een goede prestatie te komen..

En ik weet niet hoe het met jou zit, maar als ik ga sporten kán ik niet zonder muziek… Het houdt me aan de gang en leidt me af van wat ik op dat moment aan het doen ben… Het geeft me houvast om in een bepaald ritme te blijven lopen/trainen en het houdt me vrolijk en energiek…
Muziek is dus belangrijk bij het sporten.

Maar sport is ook goed voor musici/muzikanten!
Ga maar na:
– met conditietraining versterk je je conditie, die je als (blaas)muzikant ook hard nodig hebt
– met krachttraining train je bv je buikspieren die je als (blaas)muzikant nodig hebt
– door simpelweg even iets anders te doen dan werken of studeren verzet je je zinnen en krijg je veel nieuwe energie die je vervolgens bij je muziekstudie kunt inzetten
– sporten geeft zelfvertrouwen en rust

En voor wie eigenlijk niet zo’n sportliefhebber is (dat was ik tot zo’n 3 jaar geleden ook niet) nog wat tips:
– kies een sport die je leuk vindt en die je kunt blijven doen
– je hoeft niet per se te gaan zwemmen of hardlopen, kies vooral iets wat goed bij jou past en je energie geeft (ik heb bijvoorbeeld onlangs de beslissing genomen om meer te gaan wandelen dan hardlopen, omdat hardlopen me teveel blessures opleverde, waardoor ik het niet volhield)
-kies voor een buitensport, van zo’n bedompte sportschool wordt je als niet-sporter helemaal zo depressief

Ik probeer dagelijks zoveel mogelijk te lopen (liefst die geijkte 10.000 stappen) en ik ga daarvoor echt naar buiten. Lekker door het park, af en toe even een fotootje schieten van jonge geitjes of een mooie plant.
Naast dit lopen, heb ik met mezelf de afspraak om steeds een 30-dagen challenge aan te gaan met de focus op één spiergroep… Dit doe ik door middel van de gelijknamige iOS-app.
Ik weet wel dat je die dagelijkse 7-minutes work-out kunt doen, maar het werkt voor mij beter om steeds het overzicht te houden met zo’n 30-dagen challenge. Ik kan dan meer de discipline opbrengen om door te gaan.
Maar dat is natuurlijk heel persoonlijk…
Na iedere challenge beloon ik mezelf met iets gezonds óf iets muzikaals!

Wat doe jij om gezond te musiceren?

Meer muziek in de klas en Festival Bombarie

Wat ontzettend gaaf is het toch om te zien dat er op dit moment zoveel aandacht is voor ‘Meer muziek in de klas’!
De BZT-show doet mee, het LKCA zorgt voor meer gratis toegankelijk lesmateriaal voor op de basisscholen en veel muziekverenigingen spelen prima op deze trend in met extra schoolprojecten en kinderconcerten… De meeste verenigingen waaraan ik verbonden ben, doen ook hun uiterste best om muziekeducatie op de basisschool een plekje te geven in het verenigingsbeleid, en terecht, want wie de jeugd heeft…heeft de toekomst!

Maar soms hé, dan verbaas ik me over de houding van sommige muziekdocenten en verenigingsbesturen… Ze denken dat de jeugd nog dezelfde liedjes leuk vindt als tien, misschien wel vijftien jaar geleden. Ze denken dat de werkvormen uit die tijd nog steeds werken. En dat laatste is wellicht ook grotendeels zo, maar ik denk dat muziekdocenten én verenigingen ook moeten zoeken naar nieuwe wegen. Andere manieren van lesgeven (met gebruik van de hedendaagse multimedia etc), ander repertoire etc, etc…

Met andere woorden, niet alleen moet er meer muziek in de klas komen, maar er moet meer muziek in de klas komen (en in regulieren muzieklessen) op een hedendaagse manier…
We moeten ons (blijven) realiseren dat het belangrijk is dat we als vereniging, maar vooral ook als docent, feeling houden met onze leerlingen.. Maar ook met de nieuwe ontwikkelingen op het gebied van onderwijs in het algemeen en muziekonderwijs in het bijzonder…

In dat kader is festival Bombarie een hele mooie!
Een spiksplinternieuw festival voor en over amateurmuziek waar allerlei workshops worden verzorgd…
Ik ben er zeker één of meerdere dagen te vinden om mijn ‘levenslang leren – proces’ te stimuleren en mijn creativiteit te prikkelen!
Hopelijk tref ik er veel collegae en andere geïnteresseerden!

Tablets in het orkest

Zoals de meesten van jullie weten, speel ik al geruime tijd vanaf een tablet. In mijn geval is dat een iPad.
Ik ben aan het overwegen om ook te gaan dirigeren van een iPad (dat zou dan wel een iPad Pro moeten worden), maar iets houdt me tegen…
Nu ik wat meer tijd heb in deze weken van vakantie, had ik bedacht dat ik eens zou gaan kijken of er überhaupt al dirigenten zijn die werken vanaf een tablet.
Ik kwam uit bij dit artikel.
Al snel na de introductie van tablets werd er in de klassieke muziekwereld geëxperimenteerd met digitale orkestpartituren en -partijen.
Er werden pogingen gedaan om papieren partituren en partijen te vervangen door tablets, dat leidde eigenlijk niet echt tot een ‘digitale’ muziekpraktijk.

Eén van de eerste orkesten die met tablets experimenteerden was het Brussels Philharmonisch Orkest. Samen met Samsung en de software van Neoscores werd de Bolero compleet vanaf tablets gespeeld én gedirigeerd.
Het experiment leverde weinig problemen op, maar wat daarbij meetelde was waarschijnlijk wel dat de musici het werk van haver tot gort kenden en er weinig aantekeningen bij hoefden te maken.
Praktische bezwaren waren er wel: men struikelde over de kabels!

Toch worden er inmiddels steeds meer tablets gebruikt in de muziekwereld. Zoveel is inmiddels wel zeker.
Niet als geheel orkest, maar wel als solist, als muziekdocent of in kleinere ensembles.
In pop en jazz worden tablets veel en veel meer gebruikt, zo is een iRealBook met handige transponeeropties voor een jazzmuzikant bijna niet meer weg te denken.

In de klassieke muziek vindt men de risico’s tijdens uitvoeringen nog te groot. Risico’s? Ja, bijvoorbeeld vastlopende schermen, leeglopende batterijen , mislukte pageturns enzovoort… Deze risico’s maken dat een tablet nog niet echt een topper is in de muziekwereld.

Maar, het probleem van kabels en de problemen van de tablets zelf vormen niet de grootste uitdaging. Nee, die ligt in het digitaliseren en beschikbaar maken van de bladmuziek.
Daar ligt ook een probleem tussen orkesten en uitgeverijen, denk alleen maar eens aan het auteursrecht en andere juridische aspecten!

Deskundigen zijn het erover eens, dat de overstap van papier naar beeldscherm alleen kan plaatsvinden als die digitale vervanger ook een zekere meerwaarde biedt. Bladmuziek overzetten naar PDF is daarbij niet voldoende.
Inmiddels wordt er achter de schermen hard gewerkt aan een digitaal model, dat voor alle spelers op het orkesttoneel acceptabel is. Hierbij wordt onder andere gekeken naar grotere schermen (de iPad Pro is hier een goed voorbeeld van). Softwarebedrijf Tido is inmiddels druk bezig met een toepassing waarin je bladmuziek ook kunt scalen als je de tablet omdraait van landscape naar portrait en andersom.
Daarnaast werkt Tido aan een model waarin je makkelijk aantekeningen kunt aanbrengen in de partijen met een stylus en je makkelijk kunt inzoomen op fragmenten en navigeren door de partituur of partijen. Ook het converteren van bladmuziek in bestaand PDF formaat naar een meer interactief formaat moet in de toekomst makkelijker worden.

Ik denk dat we nog even geduld moeten hebben voor orkesten echt volledig ‘digitaal gaan’, maar uiteindelijk verwacht ik zeker dat het ervan zal gaan komen. Maar daarvoor moet niet alleen de techniek verbeteren! Ik wacht dus nog even met mijn omschakeling van analoog naar digitaal als dirigent!

The inner game of music

Vandaag wil ik jullie een boek aanraden!
Ik las onlangs ‘The inner game of music’ van Barry Green en W. Timothy Gallwey.
Het boek is een heuse bestseller, en na het lezen snap ik wel waarom!
Helaas alleen in het Engels beschikbaar, maar desondanks toch heel goed leesbaar en vooral bruikbaar.

The Inner Game of Music is de strijd die alle muzikanten aangaan tegen de ongrijpbare tegenstanders zoals nervositeit, onzekerheid en faalangst.
Barry Green schreef het boek samen met Timothy Gallwey, die bekend staat vanwege zijn ‘Inner game’-boeken over onder andere tennis.

Green, zag veel overlap met musici en ging met Gallwey aan de slag om ook een boek voor musici en muzikanten te schrijven.

In het boek worden de basisprincipes van ‘natuurlijk leren’ uitgelegd, evenals de toepassing ervan voor muzikanten en musici.
In nauwkeurig, gemakkelijk te begrijpen Engels, leggen Green en Gallwey uit hoe natuurlijke vaardigheden – zoals bekendheid, vertrouwen en wilskracht – kunnen worden gevoed en versterkt. Door middel van een reeks van op maat gemaakte oefeningen tonen zij de manieren waarop muzikanten exacte intonaties, artistieke frasering en een verbeterde techniek kunnen bereiken. Er zijn ook hoofdstukken over ensemblespel, improvisatie, compositie en creativiteit, maar ook luistervaardigheid – een essentieel onderdeel van de Inner Game.

Veel (semi)professionele muzikanten hebben de Inner Game principes inmiddels toegepast, en wat bleek? Het werkt echt!
The Inner Game of Music is van onschatbare waarde voor iedereen die serieus geïnteresseerd in de muziek, en met de Inner Game wordt resultaat bereikt, zowel door studenten en professionele musici als door amateurmuzikanten…

Meer muziek in de klas

Gisteravond zat zowat heel muziekminnend Nederland te kijken naar De Wereld Draait Door. Dat programma stond namelijk helemaal in het teken van ‘Meer muziek in de klas’.
Het Leerorkest was er en liet van alles horen en zien. Niet allemaal kwamen de kinderen even enthousiast over, maar het merendeel leek er plezier in te hebben. En dat is toch het allerbelangrijkste!

Joop van den Ende was er en gaf aan waarom hij het muziekonderwijs op de Nederlandse basisscholen een impuls wilde geven. En er werd een geweldige muziekwedstrijd voor klassen (groep 5-7) uitgeschreven die uiteindelijk moet gaan leiden tot een concert voor koningin Máxima.
Professor Erik Scherder was erbij en hij vertelde over het nut van muziekles voor kinderen.. En dan niet alleen dat ze beter samen leren werken, maar ook dat het kinderen helpt om beter te leren plannen en hun huiswerk te organiseren…

En daar komt een mooie overlap tussen mijn beide werkvelden. Zoals de meesten van jullie weten, werk ik, naast mijn werk als musicus, bij een studiebegeleidingsinstituut. Natuurlijk begeleiden we daar middelbare scholieren, en soms ook basisschoolleerlingen. Veel huiswerkinstituten hebben afgelopen jaren een zogenaamde brugklastraining opgezet waarin kinderen onder andere leren plannen en organiseren.

Ikzelf zit al een tijdje te broeden op een overlappende dienst, wellicht de brugklastraining aanvullen met muzikale aspecten…

Momenteel ben ik nog in een brainstormfase, maar wellicht rolt er zeer binnenkort een nieuwe dienst uit!
Heb je ideeën of wil je meedenken? Laat het me weten!

Wil je de uitzending terugkijken? Dat kan hier!

muzikale uitstapjes

Ik geloof dat dit voor mij de tijd is voor muzikale uitstapjes. Niet per se letterlijk, maar wel figuurlijk..
Zo kreeg ik afgelopen zaterdag de kans om op een Alpenhoorn te spelen! Heel gaaf om te doen, en stiekem toch minder lastig dan ik had gedacht… Er paste gewoon een euphonium-mondstuk op en op die manier kon ik eigenlijk alle natuurtonen die op deze prachtige hoorn zitten er eenvoudig uit krijgen!
Leuk om te doen, en zeker een aanrader voor diegenen die hun embouchure willen trainen…
Ik zou het in ieder geval héél graag nog eens doen.

Een ander uitstapje is inmiddels al een traditie aan het worden… Sinds 2012 ben ik betrokken bij Baronie TV, de carnavalszender van West-Brabant. Door meer dan 100 vrijwilligers wordt ieder jaar 5 dagen lang carnavalstelevisie gemaakt. Zelf ben ik voornamelijk achter de schermen (in de regiewagen) te vinden, maar dit jaar zit ik voor de 3e keer op rij ook weer in de vakjury van de Barnavalsliedverkiezing, een verkiezing waarin het beste carnavalslied wordt gekozen.
Ik kan me voorstellen dat dat voor velen van jullie wat vreemd over komt:
Ten eerste ben ik een klassiek geschoold musicus die zich meestal het liefst distantieert van dweilbands, en ten tweede ben ik totaal niet opgegroeid met carnaval.
En tóch vind ik het leuk om te doen, en tóch schaam ik me er niet voor!

Ik heb carnaval leren kennen als een mooi traditioneel feest met daarbij behorende muziek. En, zo heb ik inmiddels wel ontdekt, er wordt soms écht hele goede muziek gemaakt, en veel bands zijn ook écht bereid om zich te verbeteren. Ze willen graag opbouwende kritiek achat de viagra sur internet. Fijn dat ik daar op deze manier een steentje aan kan bijdragen.
Bij de Barnavalsliedverkiezing gaat het trouwens niet alleen om de kwaliteit van de muziek, maar ook om originaliteit… En reken maar dat er heel wat moois voorbij komt!
Naast de juryprijs wordt ook een publieksprijs vergeven…

Wil je de BaronieTV carnavalsmarathon volgen? Ziggo kanaal 40 (regio Breda) en KPN kanaal 37!

spelen met ademsteun

Vaak genoeg zei ik als dirigent: ‘maak eens een mooie ronde toon, met een fijne ademsteun eronder’, of ‘dat klinkt wat iel in de hoogte, gebruik eens heel bewust je ademsteun’…
Maar wat is het eigenlijk? En hoe zit dat dan? Is je adem hulpbehoevend of zo?
Mijn ervaring is dat veel muzikanten denken dat het gaat over ‘iets’ aanspannen ‘ergens’ in je romp. En dan moet je die spanning vasthouden…
Maar even zo vaak wordt gezegd ‘speel vrij’… Dat gaat niet samen! Ik heb me verdiept in de ‘ervaarbare adem’ van Ilse Middendorf… En sinds die tijd ben ik wat beperkter met mijn term ‘ademsteun’.

Als je gaat zingen of een blaasinstrument gaat spelen, maakt je lijf uit zichzelf net dat beetje meer spanning dat je nodig hebt om te stem goed te laten klinken. En dat kun je ook weer vlot loslaten bij de inademing. Mocht je dan nog met power willen zingen, gebruik dan je benen en je voeten; zet je af tegen de grond. Het inzetten van deze spieren maakt alleen maar dat we meer ruimte krijgen voor de inademing en niet adem en klank inperken door het spannen van spieren in de romp.

Waar zangers en blaasmuzikanten wel heel veel aan kunnen hebben hebben, is de inademreflex. Maar daar hoor je eigenlijk bijna nooit iemand over…. En dat is eigenlijk best wel vreemd. Hoezo? Lees maar mee….

Als een blaasmuzikant moeiteloos inademt, dan maakt ‘ie waarschijnlijk gebruik van de inademreflex. Dat is het antwoord op ‘hoezo ademsteun?’. Je zet dan bij de uitademing kracht vanuit benen en bekken en bij de inademing ontspan je en laat je de adem als het ware naar binnen zakken. Is de inademing hoorbaar en zie je iemand moeite doen om in te ademen door bijvoorbeeld de schouders of het borstbeen op te trekken, dan forceert hij de inademing. Het gevolg is dat je op de uitademing de spanning moet laten zakken en dat betekent klankverlies.

Om de inademreflex toe te kunnen laten, moeten er wel een paar voorwaarden vervuld worden, die je helaas niet in een vingerknip kunt realiseren. Dit kost tijd, geduld en enige oefening.

♦ Een zeer bewegelijk middenrif

♦ Soepele tussenribspieren

♦ Zachte buikorganen

♦ Ontspannen spieren in het bekkengebied

♦ vrije adembeweging, geen controle of sturing van de adem

Het middenrif moet in een fractie van een seconde kunnen zakken. Dat vraagt om soepelheid van de romp en de ingewanden. Je kunt dit niet op wilskracht doen. Blazers en zangers die gewend zijn om de adem via hun spieren aan te sturen, moeten helemaal omschakelen om de adem onbewust, als een reflex binnen te laten komen. Voor hen voelt het als niks doen. Ik moest er in het begin ook heel erg aan wennen, maar nu geeft het spelen met de inademreflex me een gevoel van grote vrijheid: ik maak als het ware muziek vanuit mijn tenen. De kracht voel ik in mijn benen. Romp, armen en hoofd zijn vrij om uitdrukking te geven aan wat er in mij leeft.

Binnenkort wil ik workshops gaan verzorgen met de inademreflex als thema. Heb je interesse? Laat het me weten! Ik houd je dan op de hoogte van de ontwikkelingen!

Een passend mondstuk kiezen

Laatste gebeurde het weer… Een orkestlid (trompet) sprak me aan en vertelde me dat zijn buurman had gezegd dat hij beter op een 7C-mondstuk kon gaan spelen, dat klonk beter en speelde makkelijker…
Bij dat soort berichten krijg ik altijd een beetje de kriebels. Want zo’n mondstuk, dat is hartstikke persoonlijk! Het heeft te maken met de dikte van je lippen, je longinhoud en de stand van je tanden… Bovendien vindt de één een bepaalde klank fantastisch, terwijl een ander juist zoekt naar een ander soort klank.

Kun je dan niks algemeens over een mondstuk zeggen?
Jawel, dat kan wel!

De belangrijkste onderdelen van koperblaasinstrument-mondstukken, en de meeste andere messing mondstukken, zijn de velg, beker, keel en backbore.
De velg is de ronde doorsnede rond de opening, waar de bespeler zijn lippen tegenaan doet. In de rand is de beker, die wordt ondersteund door een dunne buis, genaamd de keel, die aansluit op het als een stam met een glas wijn. Het laatste deel, verder in de buis, wordt de backbore genoemd.

Verschillende velgen kunnen de verschillende mondstukken meer of minder comfortabel maken om te spelen, en de aard van de rand kan de precisie van de aanval voor de speler beïnvloeden. Een brede rand maakt het instrument meer comfortabel om te spelen, maar zorgt voor een minder flexibel bereik als een smallere velg.
Beginners kunnen beter starten met een bredere rand/velg, meer ervaren spelers willen vaak een smallere velg om te profiteren van het grotere bereik.
Een scherpere rand op de rand geeft spelers meer controle over de toon geproduceerd, maar een afgeronde rand is veel comfortabeler om te spelen.

De cupmaat kan invloed hebben op de kwaliteit van de klank geproduceerd door het mondstuk. Diepe cups geven het instrument een diepere toon en accentueren de donkere, warme tinten. Ondiepe cups doen het tegenovergestelde, het ophelderen van de toon. Grotere cups zorgen voor een betere volume en meer controle, maar beginners kunnen beter uit de voeten met een kleine cup zijn omdat dat gemakkelijker speelt.

Grote keel maten geven de speler meer controle over het volume en de klank die wordt geproduceerd door het instrument. Kleine keelmaten zijn gemakkelijker te bespelen, maar de grotere zorgen voor een beter geluid.
Een grotere backbore kan het instrument een betere diepte in het geluid geven, en een kleinere maakt dat de toon gemakkelijker geprojecteerd kan worden.

Dit is eigenlijk het enige wat je in het algemeen kunt zeggen. Hiermee kun je als koperblazer al aardig uit de voeten om een geschikt mondstuk te vinden dat past bij jouw fysieke situatie én bij de klank waarnaar je op zoek bent.

Vind je het toch lastig? Geef dan wat geld uit aan consult bij Henk Rensink (mondstukspecialist) die je uitgebreid test en je vervolgens een ‘recept’ voor een passend mondstuk meegeeft!

instrument en persoonlijkheid

Laatst vroeg ik op mijn Facebookpagina aan jullie, wat jullie nu graag wilden lezen in mijn blog.
Eén van de vragen was ‘schrijf eens iets over de verschillen tussen koperblazers en houtblazers, blazers en strijkers, etc…’

Ik heb het idee een tijdje in de week gezet. Want ik wilde niet verzanden in de aloude instrumentalistengrappen. Je weet wel: ‘Trompettisten zijn arrogante haantjes’, ‘strijkers zijn doetjes’ en ‘wie staat er aan de deur als de deurbel kickst?’
Nee, dat wilde ik niet, want in mijn blog wil ik graag zinvolle informatie bieden…

Maar toch kon ik wel íets met het onderwerp. Want als je een instrument gaat kiezen, moet dat bij je persoonlijkheid passen.

Maar welk instrument past nou bij welke persoonlijkheid? Uit wetenschappelijk onderzoek komt een duidelijk verband naar voren tussen de kenmerken van de persoonlijkheid en de geschiktheid of voorkeur voor bepaalde muziekinstrumenten.

Bekende wetenschappers die uitgebreid in boeken en artikelen in vakbladen over de relatie tussen persoonlijkheid en muziekinstrumenten hebben gepubliceerd zijn bijvoorbeeld Anthony Kemp en Adrian North. Maar ook tientallen anderen hebben in vakbladen voor psychologie artikelen over dit onderwerp gepubliceerd. Ik ben er eens ingedoken en ik ben heel wat interessante artikelen tegengekomen!

Een beknopt verhaal over de karaktertrekken van instrumentalisten die we tegenkomen in blaasorkesten:

Volgens wetenschappelijk onderzoek zouden houtblazers, die in het orkest vaak tussen het spervuur van de andere instrumentalistensecties zitten, vaak introvert zijn, maar tegelijk over meer verbeeldingskracht beschikken.

Sommige onderzoekers rekenen de houtblazers tot de meegaande persoonlijkheden. Deze instrumentalisten spelen doorgaans graag in ensembles en orkesten en geven daar kleur aan.

Een extraverte persoonlijkheid of iemand die graag snel resultaten ziet, kan zich aangetrokken voelen tot een koperinstrument, omdat hij daarmee, net als op de meeste houtblaasinstrumenten al snel de eerste melodieën kan spelen.

Volgens verschillende onderzoeken onder kinderen zouden deze leerlingen impulsiever reageren, minder zelfdiscipline hebben en gevoeliger zijn voor groepsdruk dan bijvoorbeeld bij strijkers het geval is. Koperblazers zijn doorgaans sociaal ingesteld en spelen graag in ensembles en orkesten.

De trompet vormt samen met de trombone en de cornet de spontane keus van extraverte kinderen. Mogelijk houdt dit verband met het feit dat deze muziekinstrumenten relatief luid klinken, in vergelijking met zachte instrumenten zoals de dwarsfluit of klarinet.

Er bestaan denkbeelden over de verschillen in aantrekkingskracht van de verschillende koperinstrumenten die verband houden met het timbre en het volume van een bepaald type instrument of de rol van het instrument in het orkest. Zo zou een extravert kind eerder een trompet kiezen dan een tuba, en zouden meer introverte kinderen eerder voor een hoorn of euphonium kiezen.
Percussionisten, en dan vooral drummers hebben sterk extraverte eigenschappen. Ook een onafhankelijke opstelling zou tot de typerende kenmerken behoren. Volgens sommige deskundigen zouden slagwerkinstrumenten bij uitstek geschikt zijn voor nerveuze of rusteloze mensen. Zij zouden zich in de percussiesectie van een orkest of band goed kunnen uitleven.

Dus los van allerlei fysieke eigenschappen (bv gewisselde tanden etc) is ook de persoonlijkheid van een leerling belangrijk. En nu ik er zo over nadenk.. Ik heb inderdaad weleens een leerling gehad die achteraf veel beter een ander instrument had kunnen nemen.. Dus voortaan ga ik ook bij nieuwe leerlingen die zich aanmelden ook eerst kijken naar hun persoonlijkheid! Meestal komt het wel overeen en kiezen leerlingen als vanzelfsprekend een passend instrument, maar lang niet altijd. En een overstap naar een ander instrument kost vaak veel tijd en energie…

bladmuziek op een tablet

In eerste instantie was ik er wat sceptisch over: je bladmuziek op je tablet. Het was me te hip en al die technische snufjes kunnen ook allemaal kapot. Nee, ik had liever gewoon een ouderwets stuk bladmuziek…Watch Brothers (2015) Full Movie Online Streaming Online and Download

En toch bleef het kriebelen.. Want ik was wél heel erg nieuwsgierig! En in onze moderne en gedigitaliseerde maatschappij is zou dit misschien weleens de toekomst kunnen wezen…
En dus ging ik me inlezen in wat een goede app was om bladmuziek in te importeren… Want ik had voor mezelf al wel bedacht dat ik geen simpele pdf-reader wilde, maar een manier waarbij je ook gelijk muzikale aantekeningen (dynamiek, etc) kunt intekenen waar en wanneer je maar wilt.

Ik kwam uit bij de app ForScore… Ik kocht de app en ging aan de slag.
En toen ik eenmaal was begonnen met experimenteren, was ik eigenlijk meteen enthousiast. De app werkt heel gemakkelijk:
Je maakt een pdf-scan van je bladmuziek en dat pdf-bestand importeer je in de app, en dan kun je beginnen!
Je kunt inderdaad perfect aantekeningen maken, je hebt nooit meer lessenaarverlichting nodig, je hebt geen zware muziekmap meer en je hebt nooit meer knijpers nodig bij buitenconcerten. Omslaan van pagina’s gaat heel gemakkelijk met swipen, maar er zijn ook speciale bluetooth-voetpedaaltjes beschikbaar. Die zijn dan weer handig voor instrumentalisten die constant beide handen nodig hebben tijdens het spelen. Zelf vind ik zo’n voetpedaal net eventjes te duur, en ik heb altijd wel een handje over om even om te slaan…

Maar verder? Geef mij maar mijn tablet om lekker muziek te maken!
Ik overweeg zelfs om ook mijn partituren in een (A4)-tablet te gaan opnemen. Want hoe fijn zou het zijn om als dirigent ook geen problemen meer te hebben met wegwaaiende partituren bij buitenconcerten, etc, etc…

Op mijn ontdekkingsreis door muziek-app-land ben ik nog meer interessante (veelal gratis) apps tegengekomen, daarover zal ik volgende week meer schrijven!